Reorganisatie eerstelijnszorg: wat met Melle, Destelbergen en Merelbeke?

U heeft ongetwijfeld al iets opgevangen over de reorganisatie van de eerstelijnszorg in Vlaanderen. Momenteel worden belangrijke knopen doorgehakt over de geografische afbakening van de zorgregio’s.

De reorganisatie en het belang en de bedoeling van de toekomstige zorgregio's

Momenteel zijn er diverse netwerkstructuren actief op de eerstelijn (SEL’s [1], LMN’s [2], LOGO’s [3], …). Om te komen tot een performante en professionele eerstelijn die geïntegreerd en interdisciplinair samenwerkt, ook met de tweede lijn, wil men die structuren in de eerstelijnsgezondheidszorg hervormen: versterken, op elkaar afstemmen, vereenvoudigen en integreren. De nood aan een hervorming van de huidige structuren in de eerstelijnsgezondheidszorg is dan ook een opportuniteit om meer geïntegreerd en interdisciplinair te kunnen samenwerken, zowel voor preventie, curatie als palliatie en zeker ook over deze grenzen heen.

Een dergelijke eerstelijn heeft nood aan een efficiënte, transparante en eenvoudige ondersteuningsstructuur. Om het doel van een geïntegreerde en interdisciplinaire samenwerking voor preventie, curatie en palliatie te kunnen bereiken wil men de budgettaire en personele middelen van een aantal structuren die op vandaag bestaan (SEL’s [1], LMN’s [2], LOGO's [3], PN’s [4], GGZ’s [5], GDT's[6]) samenbrengen en nieuwe structuren uittekenen die aan dit doel beantwoorden.

In deze hervorming worden de Multidisciplinaire Begeleidingsequipes (MBE’s) voor palliatieve zorg voorlopig buiten beschouwing gelaten, gezien zij in vergelijking met de andere ondersteunende structuren nog sterk specifiek zorgende taken opnemen. Ook de huisartsenkringen werden in dit voorstel niet opgenomen. De hoofdreden hiervoor is dat zij instaan voor de huisartsenwachtdienst, wat een federale bevoegdheid is gebleven. Wel zullen de huisartsenkringen hun andere opdrachten en hun werkingsgebied moeten afstemmen op deze oefening alsook op de beslissingen met betrekking tot de regioafbakening.

Het kleinstedelijk niveau

Om zorg en welzijn zo goed mogelijk te ondersteunen, stelt de Vlaamse overheid voor om voor de eerstelijnsgezondheidszorg te werken vanuit goed omschreven geografische zones met een populatie tussen de 75.000 en 125.000 inwoners: het kleinstedelijk niveau. Dit niveau:

  • staat namelijk het dichtst bij de persoon met een zorgnood en kent de noden van de inwoners het best,
  • zou dan het praktijkuitvoerende niveau moeten ondersteunen,
  • dient een trekkende rol op te nemen in de zorgorganisatie en beschikt over de nodige autonomie om hieromtrent beslissingen te kunnen nemen.

Per kleinstedelijke zorgregio zou dan een strategische zorg- en ondersteuningsraad opgericht worden, waarin zorg- en welzijnsverleners zetelen uit de specifieke zorgregio. Zij zorgen voor inhoudelijke expertise om vanuit de noden en de behoeften van de regio projecten te initiëren.

Twee scenario’s voor Melle, Destelbergen en Merelbeke

Voor een aantal gebieden, waar nog geen consensus over bereikt werd, wordt momenteel feedback bij de achterban verzameld. Eén van deze gebieden is Melle, Destelbergen en Merelbeke. Er zijn 2 scenario's voorzien voor Merelbeke, Melle en Destelbergen (zie kaart):

  • aansluiting bij Gent (scenario A) of
  • een aparte (kleine) zorgregio (scenario B).

Wij horen graag uw mening!

Wij verzamelen nu bij diverse stakeholders

  • hun voorkeursscenario (A of B),
  • en argumenten pro en contra beide scenario’s,

om deze info gebundeld over te maken aan het Agentschap Zorg & Gezondheid.

Gelieve ons uw feedback te bezorgen via eline.beddeleem@hvg.be vóór vrijdag 8 juli.

 

[1] Samenwerkingsinitiatieven Eerstelijnsgezondheidszorg

[2] Lokale Multidisciplinaire Netwerken

[3] De netwerken Lokaal Gezondheidsoverleg

[4] Palliatieve Netwerken

[5] Netwerken Geestelijke Gezondheidszorg

[6] Geïntegreerde Diensten voor Thuisverzorging